E-nummers: nodig of overbodig?
4 apr '05
Als je naar de ingrediëntenlijst van bepaalde voedingsmiddelen kijkt zie je soms een hele waslijst E-nummers op het etiket staan. Die nummers verwijzen naar bepaalde additieven: hulpstoffen die men aan het product toevoegt om het te 'verbeteren'. Kunnen ze gevaarlijk zijn? Moet de consument dat allemaal zomaar slikken? Een kritische analyse.
Wat en waarom?
De 'E' voor het nummer betekent dat het om een stof gaat die door de Europese Unie goedgekeurd is. Het gebruik van andere hulpstoffen is verboden. Het spreekt voor zich dat de goedgekeurde stoffen grondig zijn getest op hun werking en eventuele bijwerking. Hoewel sommige additieven allergische reacties kunnen veroorzaken bij bepaalde mensen zijn ze in principe ongevaarlijk. De vraag is of ze ook nuttig zijn?
Hieronder vind je een tabel met een overzicht van de belangrijkste categorieën E-nummers en hun functie.
| Nummer | Naam | Nut |
|---|---|---|
| E100-180 | Kleurstoffen | Maken het uiterlijk van producten aantrekkelijker |
| E200-252 | Conserveermiddelen | Remmen de groei van bacteriën en schimmels om de houdbaarheid te verhogen |
| E260-297 E322-385 | Voedingszuren | Zorgen voor een zuurdere de smaak en/of verhogen houdbaarheid |
| E300-321 | Antioxidanten | Voorkomen aantasting door zuurstof |
| E400-495 | Emulgatoren, Geleermiddelen, Verdikkingsmiddelen | Maken dat vet en water gemengd worden tot één geheel (emulsie) |
| E400-495 | Verstevigingsmiddelen | Verdikken en verstevigen producten |
| E400-495 | Stabilisatoren | Behouden de toestand waarin het product zich vlak na de fabricatie bevond |
| E500-585 | Zuurteregelaars | Regelen de zuurtegraad van een product waardoor andere stoffen beter kunnen werken |
| E500-585 | Antiklontermiddelen | Gaan het samenklonteren van poedervormige levensmiddelen tegen |
| E500-585 | Rijsmiddelen | Zorgen dat deeg zonder gist kan rijzen |
| E620-650 | Smaakversterkers | Versterken de natuurlijke smaak |
| E900-914 | Antischuimmiddelen | Voorkomen dat een product gaat schuimen of een vermindering ervan |
| E900-914 | Glansmiddelen | Zorgen voor een glanzende oppervlaktelaag |
| E920-928 | Meelverbeteraars | Verbeteren de bakeigenschappen van meel of maken het witter |
| E950-967 E420-421 | Zoetstoffen | Geven een zoete smaak, maar geen of minder energie dan suiker |
| E900-1520 | Gemodificeerde zetmelen | Chemisch aangepast zetmeel dat kan functioneren als verdikkingsmiddel, stabilisator, bindmiddel, e.d. |
| E938-948 | Verpakkingsgassen | Verhogen houdbaarheid van producten door contact met zuurstof te voorkomen |
Kleurstoffen!?
Veel van deze hulpmiddelen zijn gewoon nodig. De eventuele nadelen wegen niet op tegen het nut ervan. Meestal dan toch. De categorie waar ik serieuze vraagtekens bij plaats is de allereerste: kleurstoffen. Waarvoor dienen die? Om snoep er lekkerder doen uit te zien dan ze zijn? Onder andere, en dan had ik het woord 'lekkerder' wel tussen aanhalingstekens mogen plaatsen als je naar van die blauwe gelatinesmurfen kijkt.
Veel van die kleurstoffen zijn van synthetische oorsprong, maar lang niet allemaal gelukkig. Zo heb je ook natuurlijke kleurstoffen: o.a. bietenrood, caroteen uit wortelen en stoffen geëxtraheerd uit paprika (capsanthine), tomaten (lycopeen) of brandnetels (luteïne). Natuurlijke kleurstoffen zijn waarschijnlijk nog gezond ook, maar laten we ze dan niet gebruiken om ongezond spul er beter uit te laten zien.
Mijn aardbeiendrankje zou in ieder geval niet slechter smaken zonder cochenillerood, afkomstig uit schildluizen mocht u het niet weten. De luizen worden geplet en het vocht wordt gemengd met andere stoffen, zoals tin of aluin, om het extra te kleuren. Smakelijk!


5 april 2005 11:30
mooi artikel maar denk niet dat ik altijd ga kijken welke E-nummers er in zitten. Maar een product waar ik nadien last van krijg kan ik toch altijd deze lijst bekijken.